Kamerdebat over mislukte aanslag in Brussel-Centraal: “De burgers gaan beter om met terreurdreiging dan sommige politici”

22 June 2017

De Kamer debatteerde vanmiddag over de mislukte terreuraanslag in Brussel-Centraal. Volgens fractieleider Patrick Dewael gaan burgers serener om met de dreiging dan sommige politici: “’s Morgens nam iedereen opnieuw de trein, ’s avonds liep het stadion vol voor Coldplay. Zo hoort het. Een absolute veiligheid kan niemand garanderen. Het heeft dan ook geen zin om voorstellen te doen die onze rechtsstaat inperken, maar veiligheid niet vergroten.”

Dinsdagavond vond er een mislukte aanslag plaats in het Brussels centraal station. Patrick Dewael waardeerde tijdens het Kamerdebat de rustige communicatie van minister van Binnenlandse Zaken Jambon: “Willen we echt op elke hoek van elke straat agenten of militairen posteren? Zijn we dan veilig? Of installeren we dan een politiestaat in ruil voor een vals gevoel van veiligheid… De minister stelde de juiste, retorische vragen.”

Volgens de fractieleider is het een inconvenient truth, een ongemakkelijke waarheid, dat een zero risk society niet bestaat. “De regering weet dit, de leden van de onderzoekscommissie weten dit, maar ook de burgers beseffen dat. Ze gaan er trouwens serener en kalmer mee om dan sommige politici. De stations liepen gisteren opnieuw vol, en ’s avonds stond iedereen te genieten van Coldplay. Zo hoort het”, zei Dewael.

Hij riep zijn collega’s dan ook op om te stoppen met mensen iets wijs te maken, met voorstellen te doen die de rechtsstaat onwaardig zijn en onze veiligheid niet vergroten. “Daar mee oogst je enkel applaus bij de terroristen. Zij hebben niet liever. Dat wil niet zeggen dat we niet alles in het werk moeten stellen om aanslagen zo veel mogelijk te voorkomen. Het rapport van de onderzoekscommissie biedt een stevige houvast.”

Dewael riep ook op om de polemiek over de zin en onzin van militairen in het straatbeeld te stoppen. “Waarom staan zij daar? Omdat de federale politie onderbemand is. Slechts 11.000 van de 13.500 plaatsen zijn ingevuld. Uiteraard leveren de militairen nuttig, nodig en excellent werk. Maar dit is tijdelijk. Ik zie liever blauw dan kaki op straat. Die kaders moeten ingevuld worden.”

Tot slot verwees Dewael naar het profiel van de dader. “Hij was niet bekend bij onze diensten voor terrorisme of radicalisme. Het drukt ons nogmaals met de neus op de feiten dat radicalisering en het overgaan tot waanzinnige gewelddaden snel kan gaan. We moeten dus ook tot goede aanbevelingen komen over het luik radicalisme in onze onderzoekscommissie. Om deze processen te begrijpen, en zo veel mogelijk te voorkomen.”

Onderzoekscommissie aanslagen 22/3 presenteert rapport over veiligheidsarchitectuur

8 June 2017

Voorzitter Patrick Dewael stelt samen met Carina Van Cauter en de andere leden van de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart het akkoord voor over de conclusies en aanbevelingen over het luik veiligheidsarchitectuur.

De parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart heeft over de grenzen van meerderheid en oppositie heen een akkoord bereikt over de conclusies en aanbevelingen inzake het luik veiligheidsarchitectuur.

De onderzoekscommissie heeft aan de hand van getuigenissen met betrokken personen en diensten en met de hulp van de experts de werking, regelgeving en procedures doorgelicht van al onze veiligheidsdiensten zoals de politie, justitie, de inlichtingendiensten, het OCAD enzovoort. “Op die manier zijn we in staat om in ons rapport te reconstrueren wat er allemaal goed, niet of fout gebeurde in de aanloop naar die fatale dag”, zegt voorzitter Dewael. “We voerden ons onderzoek à charge, en à décharge. Alleszins verdienen alle mensen op het terrein al ons respect en dank voor het harde werk dat ze dag in dag uit leveren, vaak in moeilijke omstandigheden”, vult commissielid Carina Van Cauter aan. “Die reconstructie en waarheidsvinding is wel belangrijk omdat de nabestaanden, slachtoffers en alle burgers recht hebben op een antwoord op de vraag hoe dit kon gebeuren.”

Maar naast het vaststellen van disfuncties, is de voornaamste taak van een onderzoekscommissie aanbevelingen te doen voor verbeteringen. “Zo leren we ook uit de aanslagen en kunnen we onze veiligheid vergroten”, zegt Dewael. Hij vergelijkt de onderzoekscommissie met een mekanieker. “We hebben de gehele ‘veiligheidsmachine’ uit mekaar gevezen, elk onderdeel afzonderlijk tegen het licht gehouden, de wisselwerking tussen de onderdelen onderzocht. Neen, België is geen failed state, zoals na de aanslagen door sommigen werd verkondigd. We moeten ook niet starten van een wit blad. Maar er zit wel zand in de machine. Met onze aanbevelingen willen we dat uit de machine halen, waar nodig een onderdeel aanpassen en toevoegen, en tot slot het hele raderwerk smeren. We doen dit werk ten gronde, hebben een totaaloverzicht over de complexe materie, werken over partijgrenzen heen, in consensus en met een integrale visie. Hierin ligt de meerwaarde van onze onderzoekscommissie.” De commissie bereikte eerder al een akkoord over de luiken hulpverlening en slachtoffers. Nu rest nog slechts het rapport over het laatste luik radicalisme.

Het rapport veiligheidsarchitectuur telt negen thematische hoofdstukken. Op volgende link kan u de samenvatting lezen: http://www.openvld.be/library/1/files/6577_perstekst_veilligheidsarchitectuur_nl.pdf

 

Onthaalcentrum en uitkijktoren in de Kevie

3 June 2017

Steeds meer mensen ontdekken de prachtige natuur in de Kevie. Dankzij Limburg Sterk Merk kunnen we onze investeringen in de Kevie versnellen. Er komt onder andere een uitkijktoren, een bezoekersonthaal, bijkomende waterpartijen en een vlonderpad langs en over de Jeker. Zo maken we de Kevie nog aantrekkelijker, voor Tongenaren én toeristen. #EersteStad […]

LEES MEER

Dubbelinterview Patrick Dewael – Meryame Kitir in Het Belang van Limburg

26 November 2016

In een dubbelinterview ging Patrick Dewael in op een aantal pijnpunten die in de onderzoekscommissie naar de aanslagen boven water kwamen. “Politiediensten werken niet altijd optimaal samen, informatie wordt soms onvoldoende gedeeld. In ons eindrapport zullen we aanbevelingen formuleren om hier aan te verhelpen”, stelt Dewael.

Bekijk via deze link ook het interview dat Patrick Dewael hierover gaf op VTM.

 

“Eilandvorming uit periode Dutroux is opnieuw bezig”

Hoe kon Salah Abdeslam maandenlang onder de radar blijven, terwijl er nochtans een gerechtelijk onderzoek tegen hem liep? Onder andere over die vraag buigt de onderzoekscommissie 22/3 zich nu al enkele weken achter gesloten deuren.

Het dossier-Abdeslam is een schoolvoorbeeld van wat er fout loopt bij politie en justitie. Ondanks aanwijzingen dat een van beide broers Abdeslam aan het radicaliseren is, beslist de federale politie in februari 2015, net na de aanslagen in Verviers, het dossier een rode stempel te geven.

Wegens te weinig mankracht wordt in rode dossiers geen onderzoek meer gevoerd. Bijkomende onderzoeksdaden die door het federaal parket worden gevraagd – zoals de gsm en USB-sticks uitlezen – worden niet uitgevoerd. Integendeel: het dossier belandt in de schuif en wordt uiteindelijk geseponeerd door het federaal parket, wegens geen concreet misdrijf of gevaar. In november 2015 zijn het deze broers Abdeslam die een sleutelrol spelen bij de aanslagen in Parijs, hetzelfde netwerk dat in maart dit jaar ook in ons land toeslaat.

De zittingen van de onderzoekscommissie verlopen achter gesloten deuren omdat het over gerechtelijke onderzoeken gaat. Waar zitten de pijnpunten?

Dewael: “Politie en veiligheidsdiensten hebben de neiging om op hun informatie te zitten. Zoals een kip op haar eieren. Dat was ook het probleem destijds bij Dutroux. Die eilandvorming is vandaag opnieuw bezig. De geïntegreerde politie die met de politiehervorming werd opgericht, had tot doel om maximaal samen te werken en informatie te delen. Maar dat was niet altijd het geval. En dan gebruik ik nog een eufemisme.”

“Daarnaast is er de overdreven tendens naar juridisering. Er wordt – met de beste bedoelingen – in een vroeg stadium een procesverbaal gemaakt, maar daardoor belandt een terreurdossier meteen bij de federale gerechtelijke politie (FGP) in Brussel, omdat zij dat soort dossiers volgen. Het federaal parket wordt dan baas over zo’n dossier, maar op die manier worden de lokale politie, de Staatsveiligheid en andere diensten niet meer betrokken. En dat terwijl de FGP overbelast is en moet werken met rode etiketten, waardoor het geseponeerd wordt er niets meer mee gebeurt. Door geen enkele dienst.”

Kitir: “We merken dat er schotten zijn die er niet moeten zijn. De magistraat van het federaal parket is ook niet bezig met de vraag of er gevaar op komst is. Een magistraat houdt zich vooral bezig met de vraag of er bewijs is van een misdrijf of niet. Zo gaat er heel veel informatie verloren, want op het moment dat er bijvoorbeeld nieuwe hits (alarmbellen in databanken met nieuwe info, red.) waren in het dossier-Abdeslam, was het dossier al afgesloten en werd er geen nieuw onderzoek meer gedaan.”

Omdat er te weinig mankracht is bij politie- en inlichtingendiensten, zo herhaalden politiechef Catherine De Bolle en Jaak Raes, chef van de Staatsveiligheid in uw commissie tot in den treure.

Kitir: “Uit alles wat we nu weten, is niet gebleken dat er te weinig mankracht was. Als een dienst onder druk stond, waren er andere middelen die ze konden aangrijpen om toch iets te doen met de informatie die ze hadden. Het dossier-Abdeslam werd geseponeerd, maar op geen enkel moment werd contact genomen met de lokale politie die wél kon bijspringen.”

Dewael: “Er is inderdaad geen tekort aan mensen of middelen. Die zitten ergens, maar worden niet op de juiste manier ingezet of vinden mekaar niet. Neem nu het voorbeeld van de gespecialiseerde diensten met hun islamologen, analisten,… Die doen in verschillende ressorten allemaal hetzelfde werk. Dat is een verspilling van mensen en energie. Er is onvoldoende wisselwerking. En dat was niet de bedoeling bij de oprichting van de geïntegreerde politie. Het budget van de politie steeg tussen 2003 en 2016 met bijna 30 procent. Toch moeten lokale zones vandaag mensen sturen naar de federale politie, terwijl net de bedoeling was dat de federale politie bijstand zou leveren aan lokale zones.”

Dringt een tweede politiehervorming zich dan niet op?

Kitir: “De leiding over terreurdossiers moet wat sp.a betreft niet langer bij het federaal parket liggen. Zij mogen wel toezicht houden, maar ook de lokale politie moet worden betrokken in deze onderzoeken. Want als het over terrorisme gaat, zegt toch iedereen dat we dit probleem alleen kunnen bestrijden op de hoek van de straat, dichtbij de mensen die je wil volgen. Dan is het onbegrijpelijk dat net deze mensen nu volledig buitenspel worden gezet.”

Dewael: “Ook ik wil niet vooruitlopen op de conclusies, maar uit de getuigenissen van de politiezone Brussel-West (o.a. Molenbeek, red.) bleek wel heel duidelijk dat zij op een bepaald ogenblik niet meer werden betrokken bij het onderzoek. Terwijl zij wel aan de basis lagen van het initiële proces-verbaal en de broers Abdeslam dankzij hen op de radar kwamen.”

Dat de inlichtingendiensten in de commissie kwamen zeggen dat ze geen enkele aanwijzing hadden die de aanslagen kon voorkomen, is wel verontrustend.

Kitir: “Je kan je daar inderdaad heel veel vragen bij stellen.”

Dewael: ( knikt instemmend) “Informatie hebben is belangrijk, maar informatie delen is nog veel belangrijker. We hebben de Algemene Nationale Gegevensdatabank (ANG), maar uiteraard hebben ook de Staatsveiligheid en het OCAD nog aparte databanken. Maar praten die mensen en systemen wel met elkaar? Als dat niet gebeurt, ben je gehandicapt en blijf je in het duister tasten. Dat bepaalde technologieën niet meer adequaat zijn, helpt natuurlijk ook niet. Als er zaken worden doorgestuurd, maar de technologie niet compatibel is, houdt het natuurlijk op.”

Kitir: “Je kan je ook de vraag stellen of we wel nood hebben aan twee inlichtingendiensten, een militaire en een civiele. Moeten die gefuseerd worden of niet? Moeten we geen vragen stellen bij de manier van werken? Want mankracht is natuurlijk één ding, maar als de structuur niet goed is, zit iedereen op zijn eigen eiland. Onze inlichtingendiensten werken allebei met hun eigen databases, hebben allebei een verschillende opdracht. Als we terrorisme willen bestrijden, is het toch belangrijk dat iedere politieagent snel aan de juiste informatie kan raken.”

Waarom communiceren onze veiligheidsdiensten zo moeizaam met elkaar? Kitir: “Ik kan niet echt een verklaring vinden. Volgens mij ontbreekt gewoon de reflex om verder te kijken dan de eigen dienst.”

Dewael: “We hebben 40.000 politiemensen, dat zijn 40.000 paar ogen en oren. Terrorisme bestrijden is natuurlijk een zaak van specialisten die ingewikkelde sites kunnen decoderen en Arabisch kunnen lezen, maar je hebt ook mensen nodig die in de wijken patrouilleren. Als iemand een verdacht rolluik tien keer per dag op en af ziet gaan en er komen verdachte types, dan moet die informatie kunnen circuleren. Dat werd verplicht bij de politiehervorming, maar gebeurt blijkbaar te weinig.”

De commissie zal zich de komende maanden ook buigen over de radicalisering in ons land. Hoe kunnen we die aanpakken? Hoe kunnen we nieuwe aanslagen vermijden?

Kitir: “Een nulrisico bestaat niet, maar dat betekent niet dat we ons daarbij moeten neerleggen. We moeten kort bij de mensen staan, in de buurten. De signalen die er zijn, moeten we opvangen via straathoekwerkers, de scholen, buurtwerkers.”

Dewael: “Klopt. Maar we moeten ons ook niet hopeloos gaan afvragen: hoe kan dat nu alleen bij ons? We hebben gedurende vele jaren kunnen vermijden wat in andere landen wel gebeurde. Zelfs in een politiestaat heb je geen no risk. Wat we wel moeten doen is alle middelen aanwenden om dat risico zo klein mogelijk te maken. Ik verzet mij tegen de opvatting dat het toch allemaal geen zin heeft: Als die terroristen dat willen doen, kan je het toch niet vermijden. Dat vind ik defaitistisch. Natuurlijk kan je niet alles vermijden. Maar je moet wel een systeem hebben dat je maximaal beveiligt, conform de uitgangspunten van de democratische rechtsstaat.”

Laten we daar even op verdergaan. De regering heeft na de aanslagen in Parijs een aantal verregaande maatregelen aangekondigd. Passagiersgegevens van internationale trein- en busreizigers controleren en vijf jaar bijhouden bijvoorbeeld. Gaat dat allemaal niet wat ver?

Kitir: “Jambon zegt dat hij de Europese richtlijn uitvoert, maar die gaat enkel over luchthavens. Het voorstel van de minister gaat ook over treinen, bussen… Ook de Europese commissie zegt dat hij te ver gaat. En op welke manier ga je dat controleren en organiseren? De Thalys beschikt ten eerste al niet over al die passagiersgegevens. En als ik op de Thalys stap, wordt mijn ticket wel gecontroleerd, maar niet of ik wel Meryame Kitir ben. Bovendien zijn wij het enige land in Europa dat dit gaat doen. Met wie gaan we deze gegevens dan uitwisselen? Dit geeft een vals gevoel van veiligheid.”

Ik kan mij voorstellen dat ook de liberalen hier niet meteen vragende partij voor zijn?

Dewael: “Wij zijn gerustgesteld dat de privacycommissie gunstig advies heeft gegeven. Sector per sector moet ook nog worden bekeken wat haalbaar is. Het is natuurlijk een feit dat de Amerikanen al langer vragende partij zijn voor het bijhouden van passagiersgegevens van vliegtuigen. Van de uitbreiding naar andere sectoren ben ik een koele minnaar.”

De regering wil de grondwet ook aanpassen om terreurverdachten 72 uur te kunnen aanhouden zonder tussenkomst van de onderzoeksrechter. Een jaar later is dat nog altijd geen feit.

Kitir: “Alle experten waren het erover eens dat 72 uur te veel was. Maar in deze moet men niet te veel naar de oppositie kijken. Wij zijn voor een uitbreiding naar 48 uur.”

Dewael: “Ik kijk altijd graag naar de oppositie (lacht). De regering heeft 72 uur gevraagd. Ik denk dat we samen met de oppositie en de partijen van goede wil moeten kijken om vooruitgang te boeken om aan de tweederdemeerderheid te geraken die nodig is om de aanhoudingstermijn in de grondwet te verlengen van 24 naar 48 uur. De regering vroeg om voor terreurverdachten daar nog 24 uur bij te doen, maar ik heb begrepen dat sp.a dat in de grondwet volledig wil uitsluiten. Zij willen geen verstrenging.”

Kitir: “Verstrenging? Die 48 uur is al een versoepeling.”

Slotvraag: de onderzoekscommissie moet haar conclusies voor 31 december klaar hebben. Is die deadline niet onhaalbaar?

Dewael: “Als we vanaf nu elke dag zouden vergaderen, is 31 december haalbaar, maar het parlement heeft ook nog andere werkzaamheden. We zijn het er in de commissie nu over eens om voor 22 maart 2017, een jaar na de aanslagen, klaar te zijn. En dan hoop ik dat het een bevalling van een mooi kindje zal worden.”

Kitir: “Dat is wel een zwangerschap van meer dan 9 maanden, het zal eerder een olifant zijn dan.” (lacht)

 

Copyright Het Belang van Limburg

kitirdeael

Dewael: “Consensus om grondwaarden aan te scherpen in grondwet”

22 November 2016

Op vraag van Patrick Dewael namen de verschillende partijen standpunt in over zijn voorstel om een preambule toe te voegen aan onze Grondwet en bepaalde grondwaarden zoals de scheiding van Kerk en Staat daarin aan te scherpen. De liberaal ontwaart een meerderheid voor beide ideeën waarover de commissie Grondwet zich nu zal buigen.
 

Sinds begin dit jaar buigt de commissie Grondwet zich op vraag van Dewael over het karakter van de staat en de fundamentele waarden van de samenleving. “De afgelopen maanden zijn op verschillende manieren een kantelmoment geweest voor de bewustwording dat onze maatschappij nood heeft aan een diepgaand debat over wat ons bindt in dit land, over de principes waar onze rechten en vrijheden op gebaseerd zijn, over de rol van de democratie, over de rechtsstaat.”

 

Volgens de liberale fractieleider moet dat karakter van de staat neutraal zijn. Principes zoals de vrijheid van meningsuiting, het recht op zelfbeschikking, de scheiding van geloof en staat en de gelijkheid van man en vrouw zijn volgens hem wel vervat in de grondwet, maar helaas niet altijd even expliciet. “Dat leidt in de praktijk tot onduidelijkheden en conflicten tussen bepaalde principes zoals de godsdienstvrijheid en de scheiding van geloof en staat. Denk bijvoorbeeld aan de vraag om gescheiden uren voor mannen en vrouwen in openbare zwembaden of het dragen van religieuze tekens als ambtenaar. Nu oordelen rechters over deze vraagstukken, het is beter dat we de Grondwet voldoende duidelijk maken”, aldus Dewael.

 

De commissie Grondwet organiseerde de afgelopen maanden hoorzittingen met diverse filosofen en grondwetspecialisten. “Daaruit bleek dat onze Grondwet wel wat verduidelijking kan gebruiken. Dat kan door middel van het herformuleren van bepaalde artikels, maar ook door toevoeging van een preambule waarin we onze fundamentele samenlevingsregels helder formuleren. De meeste Europese landen hebben reeds zo een preambule.”

 

Preambule

Dewael legde zelf een ontwerp van preambule voor, alsook een resolutie met de aan te scherpen grondwetsartikels. Hij vroeg de verschillende politieke fracties een politiek standpunt in te nemen over beide voorstellen, waarover hij nu een consensus ontwaart.

 

“Een meerderheid van de leden van de commissie spreekt zich uit voor het opstellen van een inleidende preambule op onze Grondwet. Die moet een verbindende waarde hebben met een pedagogisch doel. De preambule kan na 2019 met een grondwetswijziging worden toegevoegd, maar we kunnen deze legislatuur al werken aan een tekst. Verschillende fracties zijn net zoals Open Vld gewonnen voor het idee om bij dit proces ook de burgers te betrekken in een participatief traject”, licht Dewael toe.

 

Karakter van Staat expliciteren

Een tweede conclusie die Dewael trekt is dat een meerderheid gewonnen is om het karakter van de staat in onze Grondwet te expliciteren. “Meer bepaald willen vele fracties de voorrang van de burgerlijke wet bevestigen zodanig dat de neutraliteit van de overheid en de scheiding tussen geloof en staat beter worden gegarandeerd door onze Grondwet.” Bepaalde grondwettelijke bepalingen kunnen deze legislatuur al worden aangepast mits een tweederdemeerderheid. Dewael stelt vast dat die meerderheid zich aftekent en stelt dan ook voor dit werk nu al aan te vatten.

11-november toespraak Patrick Dewael

11 November 2016

Dames en heren,

Vandaag herdenken wij het einde van de Eerste Wereldoorlog, exact 98 jaar geleden.

Op 4 augustus 1914 brak voor België de Eerste Wereldoorlog uit toen het Duitse leger het neutrale België binnenviel.

Vier jaar later, op 11 november 1918, zwegen de wapens. Op 28 juni 1919 werd het Vredesverdrag van Versailles ondertekend.

Deze wapenstilstand maakte een einde aan de Groote Oorlog. Het was het eerste internationale conflict op wereldschaal, maar niet het laatste.

Tussen het uitbreken van de oorlog en de ondertekening van de vrede vielen over de hele wereld miljoenen doden te betreuren.

Anderhalf miljoen Belgen sloeg op de vlucht. 600.000 mensen verloren op Belgisch grondgebied het leven. Minstens anderhalf miljoen mensen raakten gewond.  Dit waren zowel militairen en burgers.

Het zijn ontstellende cijfers die iedere keer weer doen huiveren.

 

Dames en Heren,

De slachtoffers van deze oorlog verdienen ook vandaag nog een blijvende en waardige nagedachtenis, zeker nu de laatste getuigen van deze oorlog verdwenen zijn. Natuurlijk is dit ook het geval voor de Tweede Wereldoorlog.

We mogen de gruwelen van de oorlog niet vergeten. Net daarom is het belangrijk om in te zetten op immaterieel erfgoed. Om de ervaringen van ooggetuigen te bewaren en te ontsluiten. Het gaat om een blijvende en pakkende herinnering aan deze zware tijd.

Onze Dienst Erfgoed stelt in dat kader binnen een maand het derde deel voor van de reeks Tongeren en Tongenaren in oorlogstijd.
Het deel over bevrijding.

Er werd hiervoor niet alleen gebruik gemaakt van bestaande interviews. Er werden ook nog een 15-tal extra interviews afgenomen van mensen die de oorlog overleefd hebben en hun herinneringen met u willen delen.

Binnen een maand kunnen we u deze publicatie voorstellen, inclusief een dvd met deze interviews.

 

Dames en heren,

Na afloop van zowel de Eerste als de Tweede Wereldoorlog, nam de internationale gemeenschap stappen om ervoor te zorgen dat zulke escalatie van geweld nooit meer zou kunnen gebeuren.

In 1945 wordt de Verenigde Naties opgericht.

In 1948 zorgt de ‘Universele Verklaring van de Rechten van de Mens’ voor een historische mijlpaal in onze hedendaagse geschiedenis.

In Europa begonnen we in 1951 aan een zo mogelijk nóg ambitieuzer project: de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal dat we nu kennen als de Europese Unie. De integratie van vandaag 28 lidstaten die vooral op vlak van de vrijheid van goederen, diensten, personen en kapitalen ver is doorgevoerd creëert al meer dan 70 jaar vrede op ons continent.

We moeten ons er echter van bewust zijn dat vrede – in de woorden van Jan Techau, [directeur van ‘Carnegie Europe, the European centre of the Carnegie Endowment for International Peace’] geen eindstadium is, maar een continu proces.

Vrede berust op grondige kennis en kracht. Dat vergt flink wat inspanningen en enorm veel geduld.  Vrede is voor Techau dus het resultaat is van het voortdurend in evenwicht houden van uiteenlopende belangen.

Het lijkt wel de definitie van het Europese project: een evenwicht tussen uiteenlopende belangen.

 

 

Dat hebben we recent nog gezien toen de Europese Unie een vrijhandelsakkoord wilde afsluiten met onze vrienden uit Canada, die in WOII zo moedig aan onze zijde hebben gestreden.

Het plotse Waalse verzet tegen CETA is daarom onbegrijpelijk. Canada is een land met een sterke democratische traditie en waar wij zonder schroom onze economische banden mee kunnen, mee moéten, aanhalen. Waarom zou handel drijven met de Canadezen een groter probleem zijn dan met Vietnam, Columbia of de Filipijnen? Waarom zou wapens exporteren naar Saudi-Arabië minder problematisch zijn dan peren naar Canada?

Ik ben ervan overtuigd dat internationale vrijhandel een motor is van democratisering en meer vrijheid in de wereld. En vrije, democratische staten zoals EU-lidstaten en Canada moeten daarin voorop lopen en zo een baken zijn voor de rest van de wereld.

 

Dames en heren, ik rond af.

Vrede is geen onmogelijke opdracht.

Vrede, hoe onwaarschijnlijk het soms ook lijkt, is haalbaar. Dat bewijzen wij, als deel van de Europese Unie, al ruim 75 jaar.

Die hoop en kracht brengt ons terug bij de slachtoffers van oorlog.

Van de oorlogen van toen, maar ook van de oorlogen van vandaag.

Van àlle oorlogen.

Die slachtoffers moeten we niet enkel oprecht eren. We moeten vooral uit die gruwel leren.

Het is dus niet naïef vrede na te streven. Het is naïef dat niet te doen.

Ik dank u.

14991104_925749887558548_4523569553057864988_o

Dewael na de Amerikaanse presidentsverkiezing: “Europa moet een versnelling hoger schakelen”

10 November 2016

Nu de VS zich mogelijk op zichzelf gaan terugplooien, moet Europa zichzelf heruitvinden. Dat is de boodschap die Open Vld-fractieleider Patrick Dewael bracht tijdens het vragenuurtje in de Kamer. “De Amerikaanse droom kreeg misschien een klap. Nu moeten we de Europese droom nieuw leven inblazen.”
 

Na een ongezien bitsige verkiezingscampagne ontwaakte Amerika op 9 november met een nieuwe president: Donald Trump. Open Vld-fractievoorzitter Patrick Dewael betreurt het feit dat het glazen plafond standhoudt en dat de populist zegevierde, maar stelt vast dat de kiezer heeft gesproken. “In het democratische debat moet inhoud centraal staan. Net dat hebben we langs beide kanten gemist. Aan slogans en verwijten was er dan weer geen gebrek. Democratie is een werkwoord, de focus moet liggen op argumenten, op redelijke oplossingen voor reële problemen.”

Sterker Europa

Dewael wil rekening houden met het feit dat de VS zich mogelijk op zichzelf gaan terugplooien. In dat geval wordt een sterker Europa nog belangrijker. “Sterkere militaire samenwerking, een Europees buitenlandsbeleid, groeibevorderende handelsakkoorden en afdoende antwoorden op de migratiecrisis zijn vraagstukken waar de burgers wakker van liggen. Net op die thema’s stellen we vast dat de EU vandaag tekort schiet en een versnelling hoger moet schakelen. De verkiezing van Trump kan een stimulans bieden om echte stappen vooruit te zetten. Elk nadeel heb zijn voordeel.”

Ook minister van buitenlandse en Europese zaken Reynders ziet Europa als deel van de oplossing: “Een sterkere Unie, een hecht Europees blok binnen NAVO en meer samenwerking. Dat is de weg vooruit. Protectionisme en populisme helpen ons geen stap verder.”

Dewael vindt dat Europa haar verantwoordelijkheid moet nemen: “De Amerikaanse droom kreeg misschien een klap, maar de Europese droom zal leven. Daar ben ik rotsvast van overtuigd.”

 

Patrick Dewael in de Zevende Dag over de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart

30 October 2016

Vandaag was Patrick Dewael te gast in de Zevende Dag. Daar gaf Dewael een stand van zaken over de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart. “Ik ga niet week na week gaan concluderen. We maken in alle sereniteit een heel diepgaande analyse. Maar ik stel wel vast dat er eilandvorming gebeurt bij de politie.”

Bekijk het volledige interview via deze link.

Dewael tevreden met groen licht voor vrijhandelsakkoord met Canada

27 October 2016

De Kamer debatteerde over het intra-Belgisch akkoord over het vrijhandelsakkoord met Canada. Open Vld-fractieleider Patrick Dewael: “Wij zijn voor vrijhandel, voor groeimogelijkheden voor bedrijven, voor jobcreatie. We hebben onze welvaart te danken aan het vrijhandelsblok Europa.” De EU moet wel lessen trekken en haar bevoegdheden ten volle en democratisch uitvoeren.

De afgelopen dagen kon België het vrijhandelsakkoord tussen Canada en de Europese Unie, kortweg CETA, niet ondertekenen. Het Waalse en Brusselse parlement verzetten zich immers hardnekkig. Vandaag sloot de premier een intra-Belgisch compromis met de gewestregeringen waarbij het vrijhandelsakkoord werd verduidelijkt. België kan dus zijn handtekening plaatsen onder het akkoord. “De rede is teruggekeerd”, reageert Dewael. “Mijn liberale partij is uiteraard tevreden. We zijn voor vrijhandel, voor het vergroten van onze exportmarkten, voor groei en jobcreatie.” Hij wil wel lessen trekken uit deze episode.

Angst en desinformatie

Zo betreurde Dewael dat de oppositiepartijen zich plots afkeren van vrijhandel. “In een context van bedrijfssluitingen, digitalisering, globalisering keren ze zich plots tegen dit akkoord met Canada, nochtans het meest Europese land buiten de EU. Ze willen zich afschermen van de boze buitenwereld. Ze willen muren optrekken. Communisten kennen daar iets van. Het duurt decennia om die muren weer af te breken. De armste mensen leven in gesloten economieën. Wij hebben onze welvaart net te danken aan het vrijhandelsblok Europa.” Het is volgens Dewael de plicht van alle democratische partijen om die verdiensten van Europa te verdedigen en te versterken.

De fractieleider weerlegde voorts de kritiek dat dit CETA-akkoord ondemocratisch is. “Uiteraard is een democratisch debat nodig over verdragen. Uiteraard moeten we rekening houden met bezwaren van partijen, burgers en het middenveld. Maar mag ik vaststellen dat dit in het akkoord al was gebeurd? De desinformatie over chloorkippen en het arbitragemechanisme hebben het democratisch debat niét gediend. Dit verdrag is bovendien sinds 2009 in onderhandeling, premier Di Rupo keurde het mandaat goed, nooit hoorden we fundamentele bezwaren uit Wallonië. Vlak voor de ondertekening de hele EU gijzelen getuigde niet van politiek fatsoen.”

Vertrouwen in Europa

Volgens de liberale fractieleider moet ook de EU in eigen boezem kijken. Buitenlandse handel is eigenlijk een exclusieve Europese bevoegdheid. De lidstaten geven een mandaat, de Commissie onderhandelt een deal, het rechtstreeks verkozen Europees parlement en de 28 verkozen staats- en regeringsleiders keuren die goed. “Dat is democratisch. Maar Juncker maakte van CETA een gemengd verdrag waarover ook de lidstaten hun zeg moeten doen. De EU denkt in het vervolg beter twee keer na voor het zijn eigen bevoegdheden uitholt en de sleutels uit handen geeft. We moeten vertrouwen hebben in de democratische controle van het Europees parlement.”

Dewael concludeerde dat vrijhandel zal doorgaan, ook al trekt Europa zich terug. “Het is dus beter dat we zélf akkoorden blijven sluiten en zodoende onze hoge kwaliteitsstandaarden, milieuregels en bescherming van werknemers kunnen opleggen. Zo niet, zullen landen als China dat doen.”

Debat regeerverklaring – integrale tussenkomst Patrick Dewael

17 October 2016

Vandaag debatteerde het parlement over de regeerverklaring. Patrick Dewael focuste op economische hervormingen en het veiligheidsdebat.

Bekijk hier de integrale tussenkomst.