Dubbelinterview Patrick Dewael – Meryame Kitir in Het Belang van Limburg

26 November 2016

In een dubbelinterview ging Patrick Dewael in op een aantal pijnpunten die in de onderzoekscommissie naar de aanslagen boven water kwamen. “Politiediensten werken niet altijd optimaal samen, informatie wordt soms onvoldoende gedeeld. In ons eindrapport zullen we aanbevelingen formuleren om hier aan te verhelpen”, stelt Dewael.

Bekijk via deze link ook het interview dat Patrick Dewael hierover gaf op VTM.

 

“Eilandvorming uit periode Dutroux is opnieuw bezig”

Hoe kon Salah Abdeslam maandenlang onder de radar blijven, terwijl er nochtans een gerechtelijk onderzoek tegen hem liep? Onder andere over die vraag buigt de onderzoekscommissie 22/3 zich nu al enkele weken achter gesloten deuren.

Het dossier-Abdeslam is een schoolvoorbeeld van wat er fout loopt bij politie en justitie. Ondanks aanwijzingen dat een van beide broers Abdeslam aan het radicaliseren is, beslist de federale politie in februari 2015, net na de aanslagen in Verviers, het dossier een rode stempel te geven.

Wegens te weinig mankracht wordt in rode dossiers geen onderzoek meer gevoerd. Bijkomende onderzoeksdaden die door het federaal parket worden gevraagd – zoals de gsm en USB-sticks uitlezen – worden niet uitgevoerd. Integendeel: het dossier belandt in de schuif en wordt uiteindelijk geseponeerd door het federaal parket, wegens geen concreet misdrijf of gevaar. In november 2015 zijn het deze broers Abdeslam die een sleutelrol spelen bij de aanslagen in Parijs, hetzelfde netwerk dat in maart dit jaar ook in ons land toeslaat.

De zittingen van de onderzoekscommissie verlopen achter gesloten deuren omdat het over gerechtelijke onderzoeken gaat. Waar zitten de pijnpunten?

Dewael: “Politie en veiligheidsdiensten hebben de neiging om op hun informatie te zitten. Zoals een kip op haar eieren. Dat was ook het probleem destijds bij Dutroux. Die eilandvorming is vandaag opnieuw bezig. De geïntegreerde politie die met de politiehervorming werd opgericht, had tot doel om maximaal samen te werken en informatie te delen. Maar dat was niet altijd het geval. En dan gebruik ik nog een eufemisme.”

“Daarnaast is er de overdreven tendens naar juridisering. Er wordt – met de beste bedoelingen – in een vroeg stadium een procesverbaal gemaakt, maar daardoor belandt een terreurdossier meteen bij de federale gerechtelijke politie (FGP) in Brussel, omdat zij dat soort dossiers volgen. Het federaal parket wordt dan baas over zo’n dossier, maar op die manier worden de lokale politie, de Staatsveiligheid en andere diensten niet meer betrokken. En dat terwijl de FGP overbelast is en moet werken met rode etiketten, waardoor het geseponeerd wordt er niets meer mee gebeurt. Door geen enkele dienst.”

Kitir: “We merken dat er schotten zijn die er niet moeten zijn. De magistraat van het federaal parket is ook niet bezig met de vraag of er gevaar op komst is. Een magistraat houdt zich vooral bezig met de vraag of er bewijs is van een misdrijf of niet. Zo gaat er heel veel informatie verloren, want op het moment dat er bijvoorbeeld nieuwe hits (alarmbellen in databanken met nieuwe info, red.) waren in het dossier-Abdeslam, was het dossier al afgesloten en werd er geen nieuw onderzoek meer gedaan.”

Omdat er te weinig mankracht is bij politie- en inlichtingendiensten, zo herhaalden politiechef Catherine De Bolle en Jaak Raes, chef van de Staatsveiligheid in uw commissie tot in den treure.

Kitir: “Uit alles wat we nu weten, is niet gebleken dat er te weinig mankracht was. Als een dienst onder druk stond, waren er andere middelen die ze konden aangrijpen om toch iets te doen met de informatie die ze hadden. Het dossier-Abdeslam werd geseponeerd, maar op geen enkel moment werd contact genomen met de lokale politie die wél kon bijspringen.”

Dewael: “Er is inderdaad geen tekort aan mensen of middelen. Die zitten ergens, maar worden niet op de juiste manier ingezet of vinden mekaar niet. Neem nu het voorbeeld van de gespecialiseerde diensten met hun islamologen, analisten,… Die doen in verschillende ressorten allemaal hetzelfde werk. Dat is een verspilling van mensen en energie. Er is onvoldoende wisselwerking. En dat was niet de bedoeling bij de oprichting van de geïntegreerde politie. Het budget van de politie steeg tussen 2003 en 2016 met bijna 30 procent. Toch moeten lokale zones vandaag mensen sturen naar de federale politie, terwijl net de bedoeling was dat de federale politie bijstand zou leveren aan lokale zones.”

Dringt een tweede politiehervorming zich dan niet op?

Kitir: “De leiding over terreurdossiers moet wat sp.a betreft niet langer bij het federaal parket liggen. Zij mogen wel toezicht houden, maar ook de lokale politie moet worden betrokken in deze onderzoeken. Want als het over terrorisme gaat, zegt toch iedereen dat we dit probleem alleen kunnen bestrijden op de hoek van de straat, dichtbij de mensen die je wil volgen. Dan is het onbegrijpelijk dat net deze mensen nu volledig buitenspel worden gezet.”

Dewael: “Ook ik wil niet vooruitlopen op de conclusies, maar uit de getuigenissen van de politiezone Brussel-West (o.a. Molenbeek, red.) bleek wel heel duidelijk dat zij op een bepaald ogenblik niet meer werden betrokken bij het onderzoek. Terwijl zij wel aan de basis lagen van het initiële proces-verbaal en de broers Abdeslam dankzij hen op de radar kwamen.”

Dat de inlichtingendiensten in de commissie kwamen zeggen dat ze geen enkele aanwijzing hadden die de aanslagen kon voorkomen, is wel verontrustend.

Kitir: “Je kan je daar inderdaad heel veel vragen bij stellen.”

Dewael: ( knikt instemmend) “Informatie hebben is belangrijk, maar informatie delen is nog veel belangrijker. We hebben de Algemene Nationale Gegevensdatabank (ANG), maar uiteraard hebben ook de Staatsveiligheid en het OCAD nog aparte databanken. Maar praten die mensen en systemen wel met elkaar? Als dat niet gebeurt, ben je gehandicapt en blijf je in het duister tasten. Dat bepaalde technologieën niet meer adequaat zijn, helpt natuurlijk ook niet. Als er zaken worden doorgestuurd, maar de technologie niet compatibel is, houdt het natuurlijk op.”

Kitir: “Je kan je ook de vraag stellen of we wel nood hebben aan twee inlichtingendiensten, een militaire en een civiele. Moeten die gefuseerd worden of niet? Moeten we geen vragen stellen bij de manier van werken? Want mankracht is natuurlijk één ding, maar als de structuur niet goed is, zit iedereen op zijn eigen eiland. Onze inlichtingendiensten werken allebei met hun eigen databases, hebben allebei een verschillende opdracht. Als we terrorisme willen bestrijden, is het toch belangrijk dat iedere politieagent snel aan de juiste informatie kan raken.”

Waarom communiceren onze veiligheidsdiensten zo moeizaam met elkaar? Kitir: “Ik kan niet echt een verklaring vinden. Volgens mij ontbreekt gewoon de reflex om verder te kijken dan de eigen dienst.”

Dewael: “We hebben 40.000 politiemensen, dat zijn 40.000 paar ogen en oren. Terrorisme bestrijden is natuurlijk een zaak van specialisten die ingewikkelde sites kunnen decoderen en Arabisch kunnen lezen, maar je hebt ook mensen nodig die in de wijken patrouilleren. Als iemand een verdacht rolluik tien keer per dag op en af ziet gaan en er komen verdachte types, dan moet die informatie kunnen circuleren. Dat werd verplicht bij de politiehervorming, maar gebeurt blijkbaar te weinig.”

De commissie zal zich de komende maanden ook buigen over de radicalisering in ons land. Hoe kunnen we die aanpakken? Hoe kunnen we nieuwe aanslagen vermijden?

Kitir: “Een nulrisico bestaat niet, maar dat betekent niet dat we ons daarbij moeten neerleggen. We moeten kort bij de mensen staan, in de buurten. De signalen die er zijn, moeten we opvangen via straathoekwerkers, de scholen, buurtwerkers.”

Dewael: “Klopt. Maar we moeten ons ook niet hopeloos gaan afvragen: hoe kan dat nu alleen bij ons? We hebben gedurende vele jaren kunnen vermijden wat in andere landen wel gebeurde. Zelfs in een politiestaat heb je geen no risk. Wat we wel moeten doen is alle middelen aanwenden om dat risico zo klein mogelijk te maken. Ik verzet mij tegen de opvatting dat het toch allemaal geen zin heeft: Als die terroristen dat willen doen, kan je het toch niet vermijden. Dat vind ik defaitistisch. Natuurlijk kan je niet alles vermijden. Maar je moet wel een systeem hebben dat je maximaal beveiligt, conform de uitgangspunten van de democratische rechtsstaat.”

Laten we daar even op verdergaan. De regering heeft na de aanslagen in Parijs een aantal verregaande maatregelen aangekondigd. Passagiersgegevens van internationale trein- en busreizigers controleren en vijf jaar bijhouden bijvoorbeeld. Gaat dat allemaal niet wat ver?

Kitir: “Jambon zegt dat hij de Europese richtlijn uitvoert, maar die gaat enkel over luchthavens. Het voorstel van de minister gaat ook over treinen, bussen… Ook de Europese commissie zegt dat hij te ver gaat. En op welke manier ga je dat controleren en organiseren? De Thalys beschikt ten eerste al niet over al die passagiersgegevens. En als ik op de Thalys stap, wordt mijn ticket wel gecontroleerd, maar niet of ik wel Meryame Kitir ben. Bovendien zijn wij het enige land in Europa dat dit gaat doen. Met wie gaan we deze gegevens dan uitwisselen? Dit geeft een vals gevoel van veiligheid.”

Ik kan mij voorstellen dat ook de liberalen hier niet meteen vragende partij voor zijn?

Dewael: “Wij zijn gerustgesteld dat de privacycommissie gunstig advies heeft gegeven. Sector per sector moet ook nog worden bekeken wat haalbaar is. Het is natuurlijk een feit dat de Amerikanen al langer vragende partij zijn voor het bijhouden van passagiersgegevens van vliegtuigen. Van de uitbreiding naar andere sectoren ben ik een koele minnaar.”

De regering wil de grondwet ook aanpassen om terreurverdachten 72 uur te kunnen aanhouden zonder tussenkomst van de onderzoeksrechter. Een jaar later is dat nog altijd geen feit.

Kitir: “Alle experten waren het erover eens dat 72 uur te veel was. Maar in deze moet men niet te veel naar de oppositie kijken. Wij zijn voor een uitbreiding naar 48 uur.”

Dewael: “Ik kijk altijd graag naar de oppositie (lacht). De regering heeft 72 uur gevraagd. Ik denk dat we samen met de oppositie en de partijen van goede wil moeten kijken om vooruitgang te boeken om aan de tweederdemeerderheid te geraken die nodig is om de aanhoudingstermijn in de grondwet te verlengen van 24 naar 48 uur. De regering vroeg om voor terreurverdachten daar nog 24 uur bij te doen, maar ik heb begrepen dat sp.a dat in de grondwet volledig wil uitsluiten. Zij willen geen verstrenging.”

Kitir: “Verstrenging? Die 48 uur is al een versoepeling.”

Slotvraag: de onderzoekscommissie moet haar conclusies voor 31 december klaar hebben. Is die deadline niet onhaalbaar?

Dewael: “Als we vanaf nu elke dag zouden vergaderen, is 31 december haalbaar, maar het parlement heeft ook nog andere werkzaamheden. We zijn het er in de commissie nu over eens om voor 22 maart 2017, een jaar na de aanslagen, klaar te zijn. En dan hoop ik dat het een bevalling van een mooi kindje zal worden.”

Kitir: “Dat is wel een zwangerschap van meer dan 9 maanden, het zal eerder een olifant zijn dan.” (lacht)

 

Copyright Het Belang van Limburg

kitirdeael

Comments are closed.